Historie
Het maandblad “Golf” van 15 mei 1959
De beginperiode
De geschiedenis van de golfclub begint in de jaren vijftig. Enkele Zuid-Limburgse industriëlen, onder wie Ir. N.H. Henket en Van Aken (hoofddirecteur van de Staatsmijnen), speelden golf in Aken en koesterden de wens om ook in Zuid-Limburg een baan te realiseren. Het idee kreeg vaste vorm tijdens een nieuwjaarsreceptie van de Staatsmijnen in 1954, toen Van Aken Henket aanspoorde om werk te maken van een golfbaan in de regio.
Wat begon als een ontmoetingscentrum voor industriëlen groeide uit tot een concreet plan voor een golfclub. Dankzij steun uit zowel de mijnindustrie als de Maastrichtse industrie werd het benodigde kapitaal bijeen gebracht. Na overleg met de gemeente Wittem en de provincie werd een terrein van 54 hectare in het Kruisbos en Schweibergerbos in erfpacht verkregen.
In 1956 werd gestart met de aanleg van de eerste 9 holes, naar ontwerp van Hawtree (Penning Hawtree & Partners, Londen). In 1958 kon er voorzichtig worden gespeeld en op 9 juli 1959 vond de officiële opening plaats.
Baanonderhoud en eerste professionals
De beginjaren vroegen veel inspanning: de baan lag vol stenen en boomwortels. Met deskundig advies van het Sports Turf Research Institute werd gewerkt aan verbetering van de grasmat en het onderhoud.
De eerste professional was André “Pinkie” van Pinxten, die generaties golfers opleidde. Later volgden onder anderen Bertus van Mook en Andrew Horsman. Het onderhoud van de baan kwam in vertrouwde handen van onder meer Vic Jeurissen en Leo Blom.
Het clubhuis
Aanvankelijk deed een eenvoudige houten accommodatie dienst als onderkomen. Al snel werd echter een definitief clubhuis gebouwd, dat uitgroeide tot het sociale hart van de club. Het uitzicht over het Limburgse heuvelland werd – en is – een van de grote troeven.
Door de jaren heen hebben verschillende beheerders en restaurateurs het clubhuis vormgegeven en bijgedragen aan de kenmerkende Wittemse sfeer.
Groei van de club
In 1959 telde de club 140 spelende leden en 25 jeugdleden. De ballotage was streng en het spelpeil steeg gestaag. De jeugdopleiding en wedstrijdcultuur kregen steeds meer vorm. Tradities zoals vaste speelmiddagen en bekers ontstonden in deze periode.
De uitbreiding naar 18 holes
Door groeiende ledentallen ontstond in de jaren zeventig de wens tot uitbreiding naar 18 holes. Een eerste plan bleek niet haalbaar. In de jaren tachtig werd, onder leiding van een vernieuwd bestuur, opnieuw werk gemaakt van uitbreiding.
Na complexe onderhandelingen met de gemeenten Wittem en Gulpen en met Staatsbosbeheer werd een nieuw plan ontwikkeld door Baron Paul Rolin en Wiel Snelder. In 1990 startte de aanleg; in 1991 werden de nieuwe holes in gebruik genomen.
Omdat een groot deel van de baan op Gulpens grondgebied lag, werd de naam gewijzigd in De Zuid-Limburgse Golf- en Countryclub. In 2010 werd “Wittem” weer aan de naam toegevoegd, omdat leden en gasten de club in de volksmond altijd zo waren blijven noemen.




